
29 september – Mohammad Javad Larijani, de voorzitter van de mensenrechtencommissie binnen het justitiële apparaat van het Iraanse regime verklaarde op 5 augustus:
„Wij zijn trots op ons rechtssysteem en voelen ons heel goed bij de wet van vergelding en zelfs bij de steniging”. Menschenrechtenorganisaties hebben in toenemende het Iraanse regime wegens praktijken als terechtstellingen, steniging, amputaties van ledematen, het uitsteken van ogen en het toedienen van zweepslagen veroordeeld.
Larijani heeft deze internationale kritiek en de berispingen door de Verenigde Naties voortdurend afgewezen.
In het verleden heeft hij steniging en amputaties conform de onder het regime geldende wet van vergelding ‚fraai’ genoemd, en deze middeleeuwse vormen van bestraffng een ‚dienst aan de mensheid’. Het voortdurend toenemende aantal terechtstellingen is volgens hem een positief teken van de levenskracht van het regime.
In 2011 verklaarde hij tegenover de krant Wall Street Journal: „Steniging betekent dat men meerdere handelingen moet verrichten door een beperkt aantal stenen op een bepaalde manier te gooien. In de ogen van sommige mensen is stenigen een geringere straf dan een terechtstelling, omdat er een overlevingskans bestaat”.

