
Op de zitting van de mensenrechtenraad op 25 september 2020 heeft Neda Amani, vertegenwoordiger van de Internationale Vereniging vrouwenrechten tot het stichtten van een onderzoekcommissie over de massamoorden van de politieke gevangenen in 1988 opgeroepen en gezegd :
“ Ik wil het uitblijven aan een onderzoek over slachten van Iraanse gevangenen in 1988 aan de raad kenbaar maken”. De Iraanse autoriteiten, verantwoordelijk voor massamoord van meer dan 30.000 gevangenen genieten nu nog steeds immuniteit. We herinneren de internationale gemeenschap dat het onze gezamenlijke verantwoordelijkheid is om de daders van deze kwestie aan te spreken en de rechtvaardigheid en waarheid voor de nabestaanden te realiseren
De Iraanse autoriteiten hebben naar aanleiding van een uitspraak van Khomeini in 1988 zogenaamd doodcommissies opgericht. De doodcommissies hebben binnen enkele maanden tienduizenden gevangenen tot de dood veroordeeld en ze zijn allemaal in geheim geëxecuteerd. De NGO’s hebben in hun onderzoeken 87 namen van de leden van doodcommissies herkent. Velen van hen bekleden nog steeds hoge functies in Iran. Volgens de activisten van de burgermaatschappij concludeert dat deze moorden duidelijke misdaad tegen de menselijkheid is. De Algemeen Secretaris van de VN en speciale rapporteurs van de mensenrechtenraad van de VN hebben het recht op waarheidsbevinding voor de nabestaanden en verkrijgen van informatie in alle vrijheid en zonder beperking te berde gebracht Immuniteit van vervolging is een grote bedreiging die de herhaling garandeert. We verzoeken de Hoge Commissaris en deze Raad om een onderzoekcommissie op te richten voor de behandeling van massamoorden van gevangenen in 1988 en een einde te maken aan jaren lang immuniteit voor vervolging van de misdadigers ”
Op de zitting van mensenrechtenraad hebben vertegenwoordigers van Tsjechië, Denemarken, Ierland, Iceland en Amnesty Internationaal over de ernstige schending van de mensenrechten
in Iran en slachten van opstandelingen in 2019 door het regime van de mollahs lezing gehouden.

Petr Gajdušek Vertegenwoordiger van Tsjechië
“In verband met Iran maken we ons zorgen over de voortzetting van de systematiek schending van mensenrechten tegen allen die tijdens de landelijke protesten van november 2019 zijn gearresteerd. We veroordelen de recentelijke executie van Navid Afkari. We maken ons zorgen over de zeer algemene ten laste leggingen waarop de doodstraf wordt gebaseerd en die worden toegepast op dossiers van Amir Hossein Moradi, Mohammad Rajabi en Saied Tamjidi. .”
Morten Jesperson, vertegenwoordiger van Denemarken
Morton Jespersen van Denemarken: “In verband met Iran maken we ons ernstig zorgen over de houding van de autoriteiten van het regime jegens burgerprotesten dat in het rapport van de speciale rapporteur in juli jl. is opgenomen. Ierland
Ierland vertegenwoordiger Michael Gaffey
Michel Ghaffi van Ierland: “We maken ons zorgen over voortdurende schending van de mensenrechten in Iran, o.a. toepassen van executies, beperken van vrijheid van meningsuiting en vrijheid van media en houding jegens de religieuze minderheden ”
Gudlaugur Thór Thórdarson -van Iceland:
“We veroordelen de willekeu-rige recente executies in Iran en verzoeken een einde maken aan de doodstraffen. We vragen van Iraanse staat de onmiddellijke vrijlating van politieke gevangenen.
Kevin Whelan, Senior Advocate van Amnesty International
Prof Kevin Whelan van Amnesty Internationaal: “In Iran hebben de autoriteiten van het regime de repressie die zij in protesten van november 2019 toegepast, uitgebreid. We hebben naast de opzettelijke moord op honderden ongewapende betogers ook de uitgebreide toepassing van martelingen gedocumenteerd. Doodstraffen worden als midden voor politiekerepressie gebruikt. Het gerechtelijke systeem in het regime van Iran executeert minderjarigen en amputeert vingers van mensen.”
